Tenzij dit de eerste keer is dat je naar een gynaecoloog gaat, ben je waarschijnlijk al bekend met de procedure. Of je nu voor het eerst gaat of al heel vaak bent geweest, je kunt je tijdens een gynaecologisch onderzoek opgelaten voelen. Het kan helpen als je de gynaecoloog vertelt dat je wat nerveus bent.
De eerste paar minuten van het bezoek verlopen net als elk ander bezoek aan een huisarts. De gynaecoloog vraagt eerst over je medische verleden en eventuele recente symptomen of veranderingen in je gezondheid. Hij of zij richt zich waarschijnlijk op gynaecologische zaken en zal je onder andere vragen of je seksueel actief bent en regelmatig menstrueert of menstruele problemen hebt. Het is belangrijk dat je open en eerlijk bent over je seksuele verleden en eventuele symptomen. De gynaecoloog zal je niet veroordelen en zal ook geen informatie aan anderen doorspelen. Hoe meer informatie je geeft, hoe beter je geholpen kunt worden.
Je wordt vervolgens gewogen en je bloeddruk wordt gemeten. Ook word je gevraagd je uit te kleden en een schort aan te trekken dat aan de voorkant open is. Je mag je sokken echter aanhouden — het kan koud worden als je alleen zo'n papieren jurk draagt! Je krijgt ook een omslag die je over je bovenbenen kunt leggen.
De gynaecoloog luistert vervolgens naar je hart en longen, onderzoekt je schildklier en onderbuik en neemt in sommige gevallen bloed en urine af. Hij of zij kan ook je borsten onderzoeken en laten zien hoe je dat zelf elke maand kunt doen. Tijdens een borstonderzoek wordt gecontroleerd op de aanwezigheid van knobbels of afwijkingen. Zo'n borstonderzoek duurt slechts een paar minuten.
De belangrijkste procedure tijdens je bezoek is het bekkenonderzoek. Je wordt gevraagd op de onderzoekstafel te gaan liggen met je voeten in de steunen. De gynaecoloog onderzoekt nu je uitwendige en inwendige geslachtsorganen. Als de arts een man is, moet er altijd een vrouwelijke verpleegkundige aanwezig zijn tijdens het onderzoek. Bij vrouwelijke artsen is meestal ook een verpleegkundige aanwezig. Wees niet bang om te vragen of er iemand aanwezig kan zijn als je je ongemakkelijk voelt. Dat is jouw recht en de arts zal zich niet beledigd voelen.
Het eerste gedeelte van het bekkenonderzoek wordt uitgevoerd met een spreider of speculum. Een speculum is een lang, kegelvormig instrument dat in de vagina wordt gebracht zodat de arts de schede en baarmoedermond kan bekijken. De spreider kan van plastic of metaal zijn en wordt meestal voorverwarmd.
De spreider wordt voorzichtig naar binnen gebracht. Laat de gynaecoloog weten als dit pijnlijk of ongemakkelijk voelt.
Als de spreider is ingebracht, kan de gynaecoloog een uitstrijkje maken. Hierbij wordt kweek van de baarmoederhals genomen, zodat kan worden onderzocht of er kankercellen aanwezig zijn. Ook kan met een uitstrijkje worden gecontroleerd of je een seksueel overdraagbare aandoening (SOA) hebt.
Een uitstrijkje maken doet meestal geen pijn. Je kunt wel wat druk voelen of soms zelfs krampen. Ook kan na het uitstrijkje wat bloedverlies optreden. Dit is normaal en stopt na een paar uur.
Laat regelmatig een uitstrijkje maken als je 18 bent geworden of als je seksueel actief bent. Maak dan een afspraak met de gynaecoloog als je niet ongesteld bent en douche de dag ervoor niet. Als je wel doucht of ongesteld bent, kan dit de uitslag van het onderzoek beïnvloeden en moet er opnieuw een uitstrijkje worden gemaakt.
Als het inwendig onderzoek is voltooid, wordt de spreider uitgenomen. Het hele onderzoek duurt slechts enkele minuten.
De gynaecoloog zal je nu uitwendig onderzoeken. De arts drukt met één hand op je onderbuik terwijl hij of zij met één of twee vingers (met handschoen) in je vagina voelt. Op deze manier kan de ligging, grootte en vorm van de baarmoeder worden beoordeeld.
Bij dit onderzoek worden ook de eierstokken beoordeeld en wordt gecontroleerd op de aanwezigheid van gezwellen of gevoelige gebieden. Laat direct weten als iets pijnlijk of gevoelig is. Zo help je de gynaecoloog eventuele problemen op te sporen.
